Vergeten, vergeef me

Vergeten, vergeef me

Als ik van één filmtrucje vaak met opeengeklemde kaken verafgrijsd in het rode pluche moet grijpen, is het de flashback. Niet eens de “Aah-variant”, waarin je alle shots waar de regisseur verliefd op werd bij wijze van climax nog eens opgevoerd krijgt, maar de “A-ha!-variant”, waarbij we de ontknoping nog eens verduidelijkt zien door de fragmenten waarin ze, al dan niet subtiel, aangekondigd werd. Precies dát soort flashback bekroont in soft-focus de film “The Reader”. 
Achter mij in de bioscoop zat een bekende die daar geen last van had, Toos. Voor de film aanving vroeg ze liefst vier keer hoe oud mijn hondje was en twee keer welke film we gingen kijken. Toos is zo dement als een deur. Ik vroeg natuurlijk niet of ze de film wel volgen kon, maar die vraag werd vanzelf beantwoord: de man van Toos fluisterde haar steeds in wat er tot dusver gebeurd was. Zo zal het leven van Toos wel zijn: korte scènes, alles opnieuw, elke dag weer, en als ze vastloopt die eeuwige trailer met haar echtgenoot als voice-over.

Tijdens de film werd ik weer als de dood dat de Toos in mij de overhand krijgt. Die middag nog berichtte mijn huisgenoot dat zij thuis was gekomen van vakantie in een ijskoud huis, met uitzondering van de bijzonder behaaglijke keuken: de balkondeur verwelkomde wagenwijd de sneeuw naar binnen, terwijl de oven al een paar dagen tevreden op 160 graden pruttelde. Het komt ook voor dat ik de tram neem, om vervolgens terug naar huis te wandelen door het park, naar mijn lege koelkast in die keuken van 160 graden.
Buitenissigheden en randinformatie blijven me kennelijk wél langdurig bij. De datum waarop ik iemand leerde kennen, ons telefoonnummer toen ik tien was, wat ik bij die kus voor jurk droeg en het aantal soorten lieveheersbeestjes in de wereld.  Wat ik echt niet kwijt wil schrijf ik maar angstvallig neer in dagboeken, brieven en archieven. 

Nietzsche noemde het zogenaamd ongewild zoek brengen van informatie “het actieve vergeten”. In werkelijkheid gebeurt dat aan de hand van heimelijke criteria, en de bedoeling daarvan is onder meer, dat wij ons gelukkig kunnen voelen. Zo is een koe (volgens Friedrich dus) altijd gelukkig, omdat hij zich niets herinnert, en ik zal in zoverre gelukkig zijn, dat ik de rampen van mijn verleden gedeeltelijk vergeet. Ik zal moeten toegeven, kamertemperatuur en het behoud van fossiele brandstoffen hebben voor mij simpelweg geen prioriteit. Wat ik vergat, vergat ik om ruimte te maken voor geluk. Hulde aan het vergeten! 

Althans, zolang de selectieprocedure zinnig blijft en niet, zoals bij Toos, degeneratief en volslagen willekeurig. Er blijft zoveel waarvoor je op dat onbetrouwbaar mormel van een geheugen aangewezen bent: het bedienen van een oven, de ligging van je huis, inlogvensters, hoofdstuk zesentwintig van een boek en de slotscène van een film. Steeds hoorde ik Toos achter me fluisteren: “Wie is die man nou?” “De hoofdpersoon, Toos.” Toch zei Toos het mooi te hebben gevonden. Misschien is Toos soms vijf minuten gelukkig, omdat er geen andere scènes, geen andere films en geen andere vijf minuten bestaan… maar meestal is ze gewoon verward. Maar ook Toos heeft de film in elk geval één keer in zijn geheel kunnen vatten. Zo maakte die hemeltergende flashback toch nog iemand in de zaal erg gelukkig.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s